Werk na hersenletsel

01 okt 2007

Hervatting van betaald werk is niet voor veel mensen met niet-aangeboren hersenletsel weggelegd. Voor velen geldt dat de schade te ernstig is om terug te keren in het arbeidsproces. Voor anderen geldt dat die terugkeer, gelet op het herstel, strikt genomen wel mogelijk zou zijn, maar ontbreken in een bedrijf de voorwaarden of de noodzakelijke begeleiding. Kortom, werkhervatting heeft nogal wat haken en ogen. Wat is nodig om de tocht door dit mijnenveld veilig door te komen?


Een briljant econoom, die veel internationale onderscheidingen heeft gehad, tot de Nobelprijs aan toe, had een even mysterieuze als eigenaardige gewoonte. Elke ochtend als hij achter zijn bureau plaatsnam, deed hij de bovenste lade van zijn bureau open, legde een en ander opzij, keek aandachtig in de lade, legde dan alles weer terug, sloot de lade en ging welgemoed aan het werk. Zijn secretaresse zag dit jarenlang gebeuren, maar durfde nooit te vragen waar hij elke ochtend naar keek. Bij zijn afscheid beantwoordde de econoom de nooit gestelde vraag. Toen hij alles had ingepakt, vroeg hij zijn secretaresse om de bovenste lade van zijn bureau te openen. De secretaresse begreep onmiddellijk dat hij zijn geheim nu zou prijsgeven. Zij opende de lade en zag een papier liggen. Verbijsterd las zij wat er met grote letters op stond: 'debet (links) inkomsten, credit (rechts) uitgaven.' Ze keek op naar haar baas en stamelde: "Dus dit is..., dit is.... waar je elke ochtend..." Glimlachend knikte de econoom. "Dit geheugensteuntje had ik op een of andere manier elke ochtend nodig."

De econoom kon zijn blinde vlek, absurde onzekerheid of wat dan ook met een glimlach bezien, omdat het nooit anders was geweest en hij er in zijn werk niet het minste nadeel van ondervond. Hoe anders is het voor wie zoiets niet nodig had, maar na hersenletsel wel. Dan is iemand al snel ongeschikt: "als je zelfs zoiets eenvoudigs niet weet...", of krijgt het zelfbeeld van de persoon in kwestie een dreun: "dat ik zelfs dit niet meer kan onthouden!"

Wat is er nodig?
Hulpmiddelen, persoonlijke gebruiksaanwijzingen, zijn na letsel eerder regel dan uitzondering. Naast de moeite die het kan kosten voor iemand om te erkennen dát er iets voor nodig is, is het zaak goed uit te zoeken wát er nodig is. Op dit punt gaat veel mis. Werk vraagt veel van iemand. Thuis goed functioneren is wel hoopgevend, maar biedt geen garanties.

Beeld van de toekomst
Om teleurstelling te voorkomen is het belangrijk om met de persoon in kwestie goed door te spreken dat veel inspanning nodig is om aan het werk te gaan en vooral aan het werk te blijven. Veel mensen met hersenletsel hebben grote moeite om zich in de veranderde omstandigheden een beeld van de toekomst te maken en dus ligt hier een taak voor behandelaars en begeleiders. Essentieel zijn een gedegen neuropsychologisch onderzoek en ervaringen van begeleiders én van naasten. Alleen een neuropsychologisch onderzoek volstaat niet, omdat dat altijd plaatsvindt in een kunstmatige situatie. Mensen met frontaalletsel bijvoorbeeld kunnen in de onderzoekskamer goed scoren, maar hardnekkig falen in de praktijk, vooral in sociaal functioneren.

Aandacht voor 'onzichtbaar letsel'
Bijzondere aandacht zal er moeten zijn voor 'onzichtbaar letsel', zoals aandacht kunnen richten en volhouden, kunnen schakelen van het ene naar het andere onderwerp, gevoeligheid voor afleidende omgevingsprikkels, initiatief kunnen nemen of hernemen (na een pauze de draad weer oppakken), geheugen, begrip van non-verbale signalen, communicatievaardigheden (vooral begrip van abstracties, humor) en emotionele functies (vervlakt of ontremd).

Werken kost veel energie
Vervolgens moet de werkgever de noodzakelijke aanpassingen en faciliteiten realiseren. Werkgever en directe collega's dienen enig inzicht te krijgen in de gevolgen van hersenletsel in algemene zin en bij die ene persoon in het bijzonder. Als dit alles in orde is gemaakt, dan volgt de stap in de praktijk. Menigeen met hersenletsel komt dan zichzelf na een vliegende start hard tegen. Het werk vraagt meestal onverwacht veel energie en bijna altijd worden gaandeweg problemen zichtbaar die niet waren voorzien. Essentieel blijft ook nu contact met naasten. Het werk mag goed gaan, belangrijk is ook hoe iemand dan thuis is. Als werk veel energie vraagt, kan iemand thuis niet meer te genieten zijn.

Onderpresteren
Voor de persoon in kwestie zijn er globaal drie moeilijkheden: accepteren dat ondanks de mogelijkheden het oude niveau zelden tot nooit wordt bereikt, aanvaarden dat hulpmiddelen en begeleiding nodig zijn en dat er een goede verdeling van energie moet worden gevonden. Dat betekent in de praktijk, accepteren dat je meer wil dan kan of verstandig is. Dit laatste is moeilijk. Wil het leven leefbaar blijven, zowel voor de betrokkene als diens naasten, zal iemand net onder zijn of haar taks moeten blijven. Dat is: net onder de vermoeidheidsgrens blijven. Niet stoppen als je moe bent, maar stoppen voordat je moe wordt. Kort gezegd: werk na hersenletsel vraagt om de kunst van het onderpresteren. Wie eindelijk de stap naar werk zet, moet vervolgens op de handrem gaan staan. Dat blijft moeilijk. Gelukkig leert de praktijk dat het kan. Een goede kans van slagen ontstaat als iemand heel dichtbij de hooggeleerde econoom komt, die zijn hulpmiddel - les één van de bookhoudles! - met een relativerende glimlach kon bezien.

Hans van Dam, docent en consulent hersenletsel

Dit artikel is afkomstig uit het Nieuwsblad 'NieuwsPad' van Zozijn  (nummer 6, november 2006)

Copyright © AXON leertrajecten | Design: Dickhoff Design | Techniek: Aristo WebDesign | Disclaimer